Organisatie-niveaus
Organisatieniveaus
Biologie is de leer van het leven waarbij we op verschillende niveaus kijken naar dit leven. Deze niveaus noemen we de organisatieniveaus (van klein naar groot):
- atoom;
- molecuul;
- organel;
- cel;
- weefsel;
- orgaan;
- orgaanstelsel;
- organisme;
- populatie/soort;
- ecosysteem;
- biosfeer.
De verschillende organisatieniveaus
In de afbeelding zie je de elf verschillende organisatieniveaus van klein (atoom) naar groot (biosfeer). Atomen en moleculen kun je niet zien. Organellen, cellen en weefsel kun je met een microscoop zien. Organismen, populaties/soorten, ecosystemen en de biosfeer zijn groot genoeg om te kunnen zien.

De definities
Atoom = klein deeltje waaruit een stof is opgebouwd.
Molecuul = bouwsteen van alles in en om ons heen.
Organel = onderdeel van de cel met een eigen taak.
Cel = de kleinst levende eenheid van een organisme.
Weefsel = groep cellen met ongeveer dezelfde bouw en functie.
Orgaan = verschillende weefsels die samenwerken aan een taak.
Organenstelsel = alle organen die samenwerken aan dezelfde taak.
Organisme = levend wezen.
Populatie: organismen van dezelfde soort die zich daadwerkelijk onderling kunnen voortplanten.
Soort: een groep organismen die samen vruchtbare nakomelingen kan krijgen.
Ecosysteem = een afgegrensd gebied met eigen abiotische en biotische factoren.
Biosfeer = deel van de aarde dat bewoond wordt door organismen.
Via de tabbladen kom je bij de informatie over dit onderwerp m.b.t. het havo examen biologie.
Subdomein A11: Vorm-functie-denken
Je kunt in contexten redeneringen hanteren waarbij van biologische objecten op verschillende organisatieniveaus vanuit een gegeven vorm naar een bijbehorende functie wordt gezocht en andersom.
Subdomein A14: Systeemdenken
Je kunt in contexten een onderscheid maken tussen verschillende organisatieniveaus, relaties binnen en tussen organisatieniveaus uitwerken en uiteenzetten hoe biologische eenheden op verschillende organisatieniveaus zichzelf in stand houden en ontwikkelen.
- Atoom = klein deeltje waaruit een stof is opgebouwd.
- Molecuul = bouwsteen van alles in en om ons heen.
- Organel = onderdeel van de cel met een eigen taak.
- Cel = de kleinst levende eenheid van een organisme.
- Weefsel = groep cellen met ongeveer dezelfde bouw en functie.
- Orgaan = verschillende weefsels die samenwerken aan een taak.
- Organenstelsel = alle organen die samenwerken aan dezelfde taak.
- Organisme = levend wezen.
- Populatie: organismen van dezelfde soort die zich daadwerkelijk onderling kunnen voortplanten.
- Soort: een groep organismen die samen vruchtbare nakomelingen kan krijgen.
- Ecosysteem = een afgegrensd gebied met eigen abiotische en biotische factoren.
- Biosfeer = deel van de aarde dat bewoond wordt door organismen.
Bijbehorende BiNaS tabellen: –
Parts of the figures were drawn by using pictures from Servier Medical Art. Servier Medical Art by Servier is licensed under a Creative Commons Attribution 3.0 Unported License (https://creativecommons.org/licenses/by/3.0/).